Wet op de ondernemingsraden

Artikel 12 – Zittingsperiode

Vragen over dit artikel van de WOR? Onze specialisten staan klaar om je te helpen.
Neem gerust contact met ons op voor uitleg of advies, zodat je precies weet waar je aan toe bent.
  1. De leden van de ondernemingsraad treden om de drie jaren tegelijk af. Zij zijn terstond herkiesbaar.

  1. De ondernemingsraad kan, in afwijking van het eerste lid, in zijn reglement bepalen, dat de leden om de twee jaren of om de vier jaren tegelijk aftreden, dan wel om de twee jaren voor de helft aftreden. De ondernemingsraad kan voorts beperkingen vaststellen ten aanzien van de herkiesbaarheid.

  1. Wanneer een lid van de ondernemingsraad ophoudt in de onderneming werkzaam te zijn, eindigt van rechtswege zijn lidmaatschap van de ondernemingsraad.

  1. De leden van de ondernemingsraad kunnen te allen tijde als zodanig ontslag nemen. Zij geven daarvan schriftelijk kennis aan de voorzitter en aan de ondernemer.

  1. Hij die optreedt ter vervulling van een tussentijds opengevallen plaats, treedt af op het tijdstip waarop degene in wiens plaats hij komt had moeten aftreden.
Marc van Hal

Heb je een vraag over Artikel 12 – Zittingsperiode?

Onze specialisten helpen je graag verder.

Bel ons via 034-460 82 01 of neem gerust contact op voor duidelijke uitleg of praktisch advies.

WOR - Wet op de Ondernemingsraden

Wet op de ondernemingsraden

Inhoudsopgave

Algemene bepalingen
OR overheid (politiek Primaat)